reiger in de kou
Steeds weer en elke keer in het schralenajaarslicht, komt de reiger aanzweven.
Hij zet zich in m’n uitzicht op een dak,
duikt weg in z’n winterjas: een filosoof,
Hij kijkt naar beneden, en ziet de zomer
van het verleden, ziet de schoeljes van
kornoeljes, de krentenbomen dromend
van gedichten, de stoeiende bloemen,
en het wonen van mensen in een park.
Tegelijk is hij een Heer van Bolestein,
staart naar de flattorens met soms een
lege woning, klaar om de huurders, de
woongrage kopers op te vangen. Kale
wanden ziet hij, straks bloeiend in licht
bloembehang en vergezichten van verf.
Cv-radiatoren, bescheiden aan de kant,
zullen de binnenshuise winter smoren.
Tenslotte is hij kijkensmoe. Hiernaast
weet hij het Bos. Hij vliegt er naartoe,
en denkt: de god van alle reigergoden
vergat helaas voor ons een genesis van
cv-radiatoren te scheppen. En hij rilt.
Karel N.L.Grazell
Amsterdams stadsdichter uit Zuid
Alles over Amsterdam Zuid op de ZieZoZuid-Twitter
Tags:
Deel dit artikel nu met je vrienden!










