Rijksmuseum
Rembrandt en de Nachtwacht
Onderdeel van de 10 van Zuid van Karel N.L. GrazellHij droeg het opgerolde schilderij met zijn
twee kompanen naar de Grote Sael van de
Cleveniersdoelen. Binnen sneed hij te-vele
repen (‘zonde van de dure verf’) af van het
linnen, hing het omslachtig reusachtig doek
op aan de muur en werkte alles verder klaar.
Wat rest van een man die werd gestorven?
Een stem die geen stem meer heeft, ogen
zonder blik, gebaar zonder beweging. De
herinnering houdt geen levens vast, alleen
hangt vermoeden in het beeld. dat ze roept.
En dan sterft de herinnering voorgoed. Jij
liet nog schilderijen liggen. Zoals dit: een
korporaalschap. Maar het doel van je leven
en je schilderen is weg uit je Nachtwacht.
Nu komen de tienduizenden door de lucht
over de oceaan (dat is ons wonder) en ze
knauwen hun taal en lopen de straten vol
en kijken naar wat je niet bedoelde. Gaan
huiswaarts: yeah, we saw the Naaitwotch.
Heel soms komt er een man en gooit zuur
over je doek, of hij snijdt erin. We straffen.
We kunnen het beter z’n gang laten gaan: de
Nachtwacht is allang geen Rembrandt meer.
Ik denk wel ‘s: zag ik in mijn tijd die repen
liggen. En ik stel me voor hoe ze hangen in
het Grazell museum. En ik hoor: its maaitie
faain, boys. En nou nee, dan toch maar niet.
Deel dit artikel nu met je vrienden!











