RAI
Wurgslang op de Huishoudbeurs
Onderdeel van de 10 van Zuid van Karel N.L. Grazell
Gesust door opium wellicht (ik hoop hetin al m’n bang), en langer dan een mens:
‘n kabel van de brug die naar de ongewilde
dood leidt, rust hij daar languit (halfopen
ogen) op de Huishoudbeurs. En hallenvol
vrouwen lopen langs: een ieder met een
Ik kom helemaal oet Bedelum – heb ik
drie maand’n voor gespaard. Màg ik dan?
draagtas, dikgebedeld overal voor de heb
en voor de krijg: te dol, de cupjes soep,
de plastic schaaltjes met allemaal warm
Kzij dur één van Stelendonk, en wittege,
kwil waor voor mien treingeld en antré.
van nounou, de échantillons met smeer en
geur hup meegenomen, de droomwoorden
Ik ben zéér gevoelig voor reclaeme, noem
me hebziek. O, en ik kom wwt het haegje.
die zo gretig maken, de opgeblazen zakjes
met nauwelijkse krekkers, al die niksjes,
die duizend monstertjes, die louter niksjes.
Ik ben ‘n Zeeuwse hier uit Hamsterdam,
die graag achjeweetnooit veel in huis heeft.
En ieder griezelt langs van oooh en brrr en
hhhhuhu, en de slang, een piezel wild nog
achter z’n gesuste kracht, kijkt naar die
hapjes vrouw, die monstertjes, en denkt:
daar loopt m’n brunch.
Deel dit artikel nu met je vrienden!











