
Euterpestraat/Gerrit van der Veenstraat
(november 1944: Engels bombardement
vanaf Amstelveenscheweg 797 gezien)
Ze kwamen laag vanaf de Amstel over het
koude gras, doken onder het Flakvuur door.
Ik stond op het serredak in de leegte van
alweer een dag. Over de ringdijk zag ik de
vogels hun eieren leggen: hun bommen op
de daken storten – er was ineens een verte
van bloed en sterven. De vliegers hadden
ooghoog vlak langs me gevlogen. En we
hadden naar elkaar gezwaaid. Toen waren
hun handen nog niet met vrijheid bevlekt.
(en ik schreef vandaag dit voor Ziezozuid)
(november 1944: Engels bombardement
vanaf Amstelveenscheweg 797 gezien)
Ze kwamen laag vanaf de Amstel over het
koude gras, doken onder het Flakvuur door.
Ik stond op het serredak in de leegte van
alweer een dag. Over de ringdijk zag ik de
vogels hun eieren leggen: hun bommen op
de daken storten – er was ineens een verte
van bloed en sterven. De vliegers hadden
ooghoog vlak langs me gevlogen. En we
hadden naar elkaar gezwaaid. Toen waren
hun handen nog niet met vrijheid bevlekt.
(en ik schreef vandaag dit voor Ziezozuid)
voetgangersbrug
over het Zuideramstelkanaal
De stedenbouwer heeft een brug
voor mij bedacht.
Ik ga wat treden op en houd
m’n kleuters in de takken hoog,
in dat heelal van een boom ernaast:
hier ben je, midden in het leven
van een boom geplaatst.
De smalle brug voor wandelaars
grijpt naar de gouden kust
waar vlugge treinen
naar hun dromen reizen.
De zon walst op het water.
En in de zware zomerwarmte
zie ik even later hoe
de tijd steeds verder slijpt.
Zie ik hoe m’n kinderen volwas zijn,
en in het heelal van hun zenuwen
trilt dan dat vleugje paradijs nog na:
hier kwam je, kind van onschuld,
midden in het leven
van een boom terecht.
En onderwijl: de vlugge treinen reisden
en het zonlicht walste op het water.
Het leven is zo echt als een droom.
En hiervoor heeft de stedenbouwer
brug en boom bedacht.
Karel N.L. Grazell
De stedenbouwer heeft een brug
voor mij bedacht.
Ik ga wat treden op en houd
m’n kleuters in de takken hoog,
in dat heelal van een boom ernaast:
hier ben je, midden in het leven
van een boom geplaatst.
De smalle brug voor wandelaars
grijpt naar de gouden kust
waar vlugge treinen
naar hun dromen reizen.
De zon walst op het water.
En in de zware zomerwarmte
zie ik even later hoe
de tijd steeds verder slijpt.
Zie ik hoe m’n kinderen volwas zijn,
en in het heelal van hun zenuwen
trilt dan dat vleugje paradijs nog na:
hier kwam je, kind van onschuld,
midden in het leven
van een boom terecht.
En onderwijl: de vlugge treinen reisden
en het zonlicht walste op het water.
Het leven is zo echt als een droom.
En hiervoor heeft de stedenbouwer
brug en boom bedacht.
Karel N.L. Grazell
Deel dit artikel nu met je vrienden!










